Mantelzorg voor de gemeenschap stelt zorg voor mensen, ecosystemen en biodiversiteit centraal. Het verbindt menselijke kwetsbaarheid met de uitputting van natuurlijke en sociale systemen en biedt alternatieven voor extractieve logica. Collectieve aandacht, regeneratieve praktijken en wederkerigheid maken een veerkrachtige en duurzame toekomst mogelijk.
Ik ben mantelzorger. Niet enkel voor mijn meervoudig unieke kind, maar voor de wereld waarin mijn zorgkind leeft. Wie eenmaal leeft met afhankelijkheid, ziet haar overal terug: in lichamen die zorg nodig hebben, in relaties die niet vanzelf gaan, in landschappen die tekenen van uitputting vertonen. Mantelzorg is voor mij een vergrootglas. Het maakt zichtbaar wat altijd al waar was: niemand draagt zichzelf. We leven in een mycelium, een web, van wederzijdse afhankelijkheid waarin mensen, dieren, planten, bodem, water en lucht onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.
In onze tijd bestaan extreme rijkdom en extreme onzekerheid naast elkaar zonder elkaar nog te raken. Een kleine groep extreem rijken heeft zich losgemaakt van de gevolgen van haar handelen. Afstand is hun luxe: afstand tot de schade, tot de zorg, tot de plekken waar leven én biodiversiteit onder druk staat. Voor de meeste mensen is zorg geen keuze maar dagelijkse realiteit. En steeds vaker strekt die zorg zich uit voorbij het menselijke. We voelen dat er iets mis is met de grond onder onze voeten, met de stilte waar ooit vogels en bijen waren, met water dat vervuild raakt en ecosystemen die hun veerkracht verliezen.
Uitputting als systeem
De wereld lijkt steeds meer op een jungle, maar niet de jungle van biodiversiteit en onderlinge samenhang. Het is een jungle van neoliberaal beleid waarin concurrentie wordt verheerlijkt en extractie genormaliseerd. Bossen worden teruggebracht tot houtproductie, landbouw tot opbrengst per hectare, dieren tot eenheden, bodems tot substraat. Biodiversiteit verdwijnt niet per ongeluk; zij verdwijnt omdat zorg systematisch uit het ontwerp is gehaald.
Wie mantelzorger is, herkent het patroon. Wat geen aandacht krijgt, verschraalt. Wat alleen wordt gemeten op efficiëntie, raakt uitgeput. Dat geldt voor mensen én voor ecosystemen. Bodems verliezen hun leven, insecten verdwijnen, water raakt uit balans. Niet omdat we het niet wisten, maar omdat zorg te traag, te relationeel en te weinig winstgevend werd geacht.
Wat zorg zichtbaar maakt
Zorg leert je kijken. Toen ons kind werd geboren, verloor snelheid haar vanzelfsprekendheid. Tijd werd cyclisch in plaats van lineair. Later herkende ik datzelfde ritme in de natuur. Herstel laat zich niet afdwingen. Biodiversiteit groeit waar ruimte is, waar rust is, waar niet alles wordt opgeëist. Uitgeputte landschappen vragen om dezelfde houding als een kwetsbaar lichaam: aandacht, nabijheid, geduld.
Extreme rijkdom kan alleen bestaan bij de gratie van afstand tot die realiteit. Wie zich alles kan permitteren, hoeft de schade niet te zien. Zorg wordt verplaatst, verantwoordelijkheid versnipperd, gevolgen uitgesteld. Maar de rekening verdwijnt niet. Ze stapelt zich op in verlies aan biodiversiteit, in instortende ecosystemen, in een aarde die steeds minder kan dragen.
Mantelzorg is geen persoonlijk falen
Voor veel mensen voelt zorg inmiddels als overbelasting. Wie zorgt, raakt zelf uitgeput. Wie zich zorgen maakt over natuur en klimaat, als lid van ‘Grootouders voor Klimaat’ of member van ‘Extinction Rebellion’, wordt al snel weggezet als somber of zelfs radicaal. Maar uitputting is een signaal. Burn-out bij mensen en biodiversiteitsverlies in de natuur zijn uitdrukkingen van hetzelfde systeem dat grenzen negeert.
Mantelzorger voor de aarde zijn, betekent dat we uitgeputte systemen niet langer als vanzelfsprekend accepteren. Het betekent zien dat wat als onvermijdelijk wordt gepresenteerd, ontworpen is. En wat ontworpen is, kan anders. Zorg verbindt menselijke en ecologische kwetsbaarheid zonder ze gelijk te maken, maar door ze samen te dragen.
Ruimte voor iedereen die wil zorgen
Mantelzorg voor elkaar, het gezamenlijke, de gemeenschap, is een uitnodiging. Iedereen die wil en kan, kan zorgen. Niet door alles te doen, maar door iets te doen. In een tuin, op een balkon, in een buurt, voor elkaar, op een stuk land. Door bomen te planten, bodems te herstellen, voedsel te verbouwen zonder gif, ruimte te laten voor insecten, water vast te houden, dieren niet langer als grondstof te behandelen.
Zorg krijgt vorm in regeneratieve landbouw, voedselbossen, natuur-inclusief bouwen, buurtinitiatieven, landschapsherstel en plantaardige leefwijzen. Dit zijn oefenplaatsen voor een ander systeem. Ze laten zien dat zorg ook kansen creëert: voor zinvol werk, lokale economieën, gemeenschapsvorming en een herstelde relatie met de levende wereld. Mantelzorg voor de natuur is niet alleen herstel, maar ook toekomst.
Cultuur als drager van verbondenheid
Zorg en natuur herstellen vraagt iets wat technologie vaak niet kan bieden: maar kunst en cultuur wel. Cultuur is als compost voor gemeenschapsvorming, van verhalen, rituelen, kunst en tradities dat ons bindt. Het geeft betekenis aan de handelingen die we doen, het leert ons empathie voor mensen, dieren en ecosystemen, en het laat gedeelde waarden zichtbaar worden. Feesten, muziek, gezamenlijke tuinen, lokale markten, eten, kunstprojecten en verhalen over land en water scheppen rituelen van verbondenheid. Ze maken mantelzorg voor elkaar collectief, zichtbaar en duurzaam. Cultuur is drager: het maakt zorg voor de aarde sociaal, voelbaar en overleefbaar.
Zorg als verzet en mogelijkheid
Zorg is traag. Zorg vraagt aandacht. Zorg verdraagt geen voortdurende versnelling. En juist daarom is zorg een vorm van verzet. Een systeem dat draait op uitputting verliest zijn grip wanneer mensen grenzen stellen, tijd claimen en de biodiversiteit beschermen die het leven draagt.
Zorg is niet conflictloos. Wie voor de natuur zorgt, botst met belangen die leven reduceren tot winst. Maar zorg kan dat conflict dragen, omdat ze geworteld is in verantwoordelijkheid. Mantelzorg voor de commons, voor de aarde, voor de wereld om de hoek, vraagt dat we stoppen onszelf boven de natuur te plaatsen. We zijn geen beheerders van een systeem, maar deelnemers in een levend geheel.
Een andere maatstaf voor rijkdom
Het meest radicale aan mantelzorger voor de commons als leidend principe is dat het onze maatstaf voor een goed leven verschuift. Rijkdom wordt niet langer gemeten in bezit of groei, maar in draagkracht, biodiversiteit, tijd en verbondenheid. Dit zijn geen dingen die je kunt oppotten. Ze bestaan alleen zolang ze circuleren.
In een wereld die steeds meer op een jungle lijkt, sociaal én ecologisch, is mantelzorg geen sentiment. Het is noodzaak, strategie en hoop. Mantelzorg voor de mensen en de natuur om je heen is een dagelijkse praktijk die steeds opnieuw moet worden opgebouwd, doorgegeven en verdedigd.
Ik ben mantelzorger omdat ik weet wat er gebeurt als zorg verdwijnt. Voor mijn kind, en voor de wereld waarin zij leeft. Maar ik ben het ook omdat ik zie hoeveel mensen dit kunnen en willen dragen, als we er ruimte voor maken. Elkaar en de levende aarde dragen is het begin van een rijkere toekomst, niet in kapitaal uit te drukken.
Kernwoorden
mantelzorg, commons, zorg als leidend principe, afhankelijkheid, kwetsbaarheid, biodiversiteit, uitputting, bodemherstel, water, ecosystemen, regeneratieve landbouw, natuur-inclusief, collectieve actie, verbondenheid, tijd, draagkracht, verzet, wederkerigheid, duurzame toekomst
Reacties