De Kick!

Tijn Touber maart / april 1998

Een mens heeft prikkels en uitdagingen nodig om te leven. Maar in de moderne welvaartssamenleving vallen steeds meer natuurlijke uitdagingen weg. Het gevolg: de mens gaat op zoek naar kicks. Het verklaart waarom alles steeds harder, sneller en heftiger gaat. De mens raakt gevangen in een web van kicks en verslavingen; het ware leven gaat steeds meer aan hem voorbij.

Tijdens de Golfoorlog bleek het aantal moorden en berovingen in Italië drastisch te zijn geslonken. Zaten de boefjes massaal voor de buis, of was de kick van het televisiegeweld zo bevredigend, dat de gebruikelijke ongein achterwege kon blijven? Ook de anders zo afstandelijke CNN-verslaggeefster kickte zichtbaar op de beelden van computergestuurde massavernietiging. Na alweer een geslaagd bombardement kon zijn een zucht van bewondering niet onderdrukken: ‘Fascinating’.

Wat is toch de kick van oorlog en geweld? Waarom gaan we vrijwillig naar films als de Texas Chainsaw Massacre, beklimmen we de K2 en drommen we om ziekenauto’s? Toen ik enkele jaren geleden voor het laatst tijdens een popconcert uit mijn dak ging, schreeuwde een vriend mij na een geslaagde stagedive toe dat de volgende mode ongetwijfeld zou zijn dat we elkaar op grote schaal met boksbeugels te lijf gaan. ‘Gewoon, om te voelen dat je leeft, weet je wel.’ Het leek me niet onwaarschijnlijk. Wat viel er tenslotte verder nog toe te voegen aan decibellen, lichteffecten, opwekkende middelen en naakte gogodansers? Inmiddels weten we dat het in ieder geval nog sneller kon. Gabberhouse zweepte ons op tot snelheden die boven de 180 beats per minuut liggen. Ter vergelijking: John Travolta danste in de jaren zeventig op zo’n 120 beats per minuut.

Een mens heeft prikkels nodig om het gevoel te hebben dat hij leeft. Wanneer we geen uitdagingen meer hebben, gaan we langzaam dood. Eerst geestelijk, dan lichamelijk. Niet voor niets is het bestrijden van verveling in bejaardentehuizen letterlijk van levensbelang. Er zijn daar wel eens experimenten gedaan, waarbij alle inwoners een plant cadeau kregen. Bij de helft werd erbij verteld dat ze die plant zelf moesten verzorgen en bij de andere helft zou het personeel deze taak op zich nemen. Enkele jaren later bleek het sterftecijfer onder de ouderen met de geheel verzorgde plant significant hoger te liggen dan bij de andere groep. Gebrek aan uitdaging?

In onze moderne welvaartsmaatschappij is alles zo goed geregeld, dat er steeds minder natuurlijke uitdagingen zijn. Dus zijn we gaan zoeken naar nieuwe prikkels: zonnen op de Malediven, dansen in Parijs, shoppen in Londen, op survivaltocht in de Ardennen en trouwen onder water. Voor velen is het dagelijks leven te gewoon, te voorspelbaar, te saai. Door het bombardement aan prikkels in de vorm van beelden (koop mij!), bladen (lees mij!), geluiden (hoor mij!), relaties en werk zijn we niet meer gewend om zelf inhoud aan ons bestaan te geven. De vorm is belangrijker geworden dan de inhoud. We hebben het druk, druk, druk. Maar waarmee? In 1995 besteedden wij ruim honderd uren méér aan werk, huishouden en onderwijs dan in 1975. De echte vrije tijd (buiten de persoonlijke verzorging om) is in diezelfde periode met vijftig uur afgenomen. Van de werkende bevolking is tweederde het gelukkigst wanneer men hard heeft gewerkt. Daar is nu een nieuwe generatie workaholics bijgekomen die dataholics worden genoemd. Uit een internationaal onderzoek onder duizend zakenlieden blijkt dat ruim de helft van de ondervraagden zegt niet genoeg te kunnen krijgen van Internet en high te worden van het vinden van de gezochte informatie. De meesten erkennen echter dat ze geen tijd hebben om iets met de informatie te doen.

Als de dagelijkse aanvoer van prikkels even wegvalt, vervelen we ons al snel en gaan zelf uitdagingen en spanningen creëren. Onderzoek wijst uit, dat bijvoorbeeld verveling en criminaliteit hand in hand gaan. Winkeldiefstal gebeurt voornamelijk voor de kick en niet uit armoede. Veel voetbalhooligans blijken door de week een heel gewoon van-negen-tot-vijf-leven te leiden. De schade wordt in het weekend ingehaald. Susanne Piët onderzocht in haar boekje De Kick! Wat voor mensen voor hun plezier naar horrorfilms gaan. De meesten gaven aan, hun leven betrekkelijk saai en niet erg opwindend te ervaren.

We willen vermaakt en verrast worden. De Amerikaanse cultuurfilosoof Neil Postman waarschuwde hier jaren geleden al voor: we are amusing ourselves to death. We gebruiken de media om ons te vermaken en te ontspannen, maar uit een Amerikaans onderzoek blijkt, dat naarmate mensen langer kijken, zij steeds slomer, verveelder, neerslachtiger, eenzamer en prikkelbaarder worden. Deze ontevredenheid en spanning leiden dan weer tot een nieuwe behoefte aan ontspanning, dus meer televisiekijken. Maar hoe meer we kijken, hoe gewoner het wordt. De kick gaat eraf. En dus moeten er steeds meer en steeds heftigere prikkels komen, zoals reality-tv en talk shows met echte tranen.

Wie genoeg heeft van de passieve kick van televisie en bijbehorende consumpties, gaat op zoek naar actievere uitdagingen en kicks. Stuntman Hammie de Beukelaar zegt in De Kick!: ‘Het gewone leven is me te eenvoudig, te krakkemikkig. Ik wil de uitdaging en het respect.’ De kans op een uitdaging is achter het stuur van een auto die in volle vaart door een brandende tunnel rijdt inderdaad beduidend groter dan achter de buis. Bij een kick hoort nu eenmaal een bepaalde spanning, de mogelijkheid dat het wel een mis zou kunnen gaan. Het is een kick om jezelf tegen te komen en je grenzen te verleggen. Veel thrillseekers– zoals de Amerikanen ze noemen – spreken zelfs van een ervaring van zelfrealisatie.

Sinds de Nieuw-Zeelander Edmund Hillary en zijn sherpa Tenzing Norgay vierenveertig jaar geleden het eerst de top van de Mount Everest bedwongen, zijn meer dan zevenhonderd mensen in hun voetsporen getreden. Honderdvijftig mensen overleefden het avontuur niet. Klimster Laura Waterman herinnert zich een levensgevaarlijke situatie, waarin ze ‘raar genoeg niet bang was, maar in een toestand verkeerde die daar bovenuit stijgt’. Ze leerde een kant van zichzelf kennen die tot dan toe verborgen was gebleven. Ook in crisis- of oorlogstijd zie je dan mensen soms boven zichzelf uitstijgen en heldendaden verrichten. Veel oorlogsveteranen hebben het daarom moeilijk met het gewone leven. Geen uitdaging, geen kick, niets om voor te vechten.

Kicks werken verslavend. In momenten van extreme druk, angst en spanning stijgen we boven onze beperkingen uit. De adrenaline stroomt door de aderen en we hebben het gevoel alles aan te kunnen. Voor Formule-1-coureur Nikki Lauda was dit trouwens een van de grootste gevaren van de kick: ‘Ik ben wel eens bang dat ik vergeet dat ik in een echte auto zit en niet in een droom waarin alles kan.’ Een collega van bergbeklimster Laura Waterman zegt: ‘In de extreme spanning van de strijd verdwijnt het heelal. Ruimte, tijd, angst en lijden bestaan dan niet langer. Ik kom wel eens in een soort roes bij het klimmen, een extase als het goed gaat, een soort hallelujastemming.’

Een kick duurt relatief kort. Is de sensatie voorbij, dan geeft dat een leeg gevoel, een behoefte van ‘nog een keer’. Bij kleine kinderen zie je dit. Als pappa ze rondslingert, vinden ze dat eng. Zodra ze weer veilig aan de grond staan, beginnen ze af te kicken en roepen dan ‘nog een keer’. De ontwenningsverschijnselen na een kick zijn vaak de belangrijkste reden om op zoek te gaan naar de volgende kick. De sensatie van het kickgevoel is zo belangrijk, dat we er heel wat voor over hebben. Soms zijn we zelfs bereid onszelf en anderen pijn te doen. Zo zijn er mensen die een kick krijgen van ruziemaken of pesten. Ook sadisme is een antwoord op verveling. Een sadist heeft hele krachtige prikkels nodig om de leegte te verdrijven. En pijn is zo’n krachtige prikkel.

Ieder mens heeft wel iets waaruit hij of zij een kick krijgt. Het is interessant om bij jezelf na te gaan wat dat is. Waar kun je niet buiten? Wie of wat geeft je energie? Waar verlang je naar? Wat wind je op? Tien jaar geleden ben ik bij wijze van experiment met drank, drugs, roken, televisiekijken en seks gestopt. Het was interessant om te zien wat er van mijn leven overbleef, toen ik niet meer de dagelijkse shotjes van het een of ander tot me nam. In eerste instantie voelde het als een soort crisis. ‘Wat moet ik doen? Wat moet ik denken?’ Maar de helderheid en het innerlijk leven kwamen al snel terug. Niet meer meegevoerd op de golven van oppervlakkige kicks, kon ik voor het eerst echt de diepte in, waar ik – hoe kan het ook anders – mijzelf tegenkwam. En daar bleek gewoon alles te zijn wat ik zolang buiten mijzelf had gezocht. Rust hoefde ik voortaan niet meer uit een sigaret te halen, respect niet meer uit het vertonen van mijn kunstjes, liefde niet meer door om aandacht te vragen en geluk niet meer door steeds iets nieuws te bedenken. In het afkickproces kwam ik erachter, dat ik meestal op valse energie had geleefd. Ik leerde mijn eigen krachtbronnen weer ontdekken en gebruiken. De behoefte aan externe kicks is steeds meer verdwenen. En toch ervaar ik mijn leven niet als saai, integendeel. Terugkijkend vind ik mijn oude leven eigenlijk een stuk saaier, inhoudslozer en oppervlakkiger.

Ik begon me het grote gevaar van mijn verlangen naar kicks te realiseren: met iedere kick stapte ik steeds even uit het gewone leven en uit de maatschappelijke systemen waarmee ik eigenlijk niet goed kon omgaan. De kick was de vlucht en compensatie. Maar zodra de roes optrok, bleek er niets te zijn veranderd. Alles was bij het oude gebleven. Ik vermoed dat degenen die in de Dynamische Wereld van Peter Stuyvesant de touwtjes in handen hebben, er alle baat bij hebben dat wij onze dagelijkse kickjes krijgen. Dan denken we verder niet al te veel na en houden we ons koest. Opium voor het volk.

Over opium gesproken: Goede tijden, slechte tijden trekt dagelijks een recordaantal van rond de twee miljoen kijkers. In Brazilië haalde dat laatste aflevering van de soap Roque Santeiro een kijkdichtheid van honderd procent. Ook in India, China, Zuid-Amerika en Afrika zijn de in eigen land gemaakte soaps populairder dan ooit, Ladi Ladebo, een van Nigeria’s grootste soap-producenten, zegt: ‘Als je mensen wilt beïnvloeden, kun je dat het beste doen met soaps.’ Wie daarnaast de roddelbladen van de kapper leest, de laatste mode bijhoudt, een stevige borrel niet schuwt – er zijn ongeveer een miljoen probleemdrinkers in Nederland – veel snoept, vervolgens Montignact en een hoop kennissen met GSMetjes heeft, die komt de dag wel door.

Het is niet zo dat we niet willen stoppen met roken, snoepen, ruziemaken en andere slechte gewoonten die meer kapot maken dan ons lief is. Het is alleen vaak veel moeilijker dan we denken. Dat komt doordat kicks en verslavingen elkaar vaak in stand houden en versterken. Dit wordt het ‘polariteitsprincipe’ genoemd. Roken en alcohol horen op deze manier bij elkaar. Roken activeert, alcohol ontspant. Yin en yang. Meer van het een vraagt om meer van het ander. Zo gaan koffieverslaving en werkverslaving samen, maar ook suiker en werk, roken en koffie. Voor sommigen gaan pijn en genot samen, of seks en macht. Daarom is het vaak onmogelijk om met de ene kick te stoppen als je de tegenpool niet tegelijkertijd aanpakt. Het makkelijkst is jezelf in één keer droog te leggen. Dit lijkt ook uit verschillende onderzoeken die naar methoden om met roken te stoppen zijn gedaan. Wie in één keer stopt, wordt gedwongen om naar de onderliggende verlangens te kijken en daarvoor oplossingen te vinden. Er is dan geen ontsnappen meer aan, zoals bij langzaam afbouwen. Oké, misschien heb je wat afkickverschijnselen, maar dat is niets vergeleken bij de zeurende pijn van het jaren gebukt gaan onder verslavingen die je gevoel voor eigenwaarde steeds meer ondermijnen. Met alle gevolgen van dien.

Laatst vertelde iemand mij, dat hij een droom had gehad over een tijger die hem achtervolgde. In grote paniek rende hij door het oerwoud op zoek naar ontsnappingsmogelijkheden. Het beest kwam steeds dichterbij en de man voelde hoe de laatste krachten uit zijn benen wegebden. Uiteindelijk kon hij niet meer en zakte uitgeput op de grond, in angstige afwachting van zijn onafwendbare lot: leven te worden verslonden door de bloeddorstige tijger. Maar juist op het moment dat hij verwachtte de tanden in zijn nek te zullen voelen, voelde hij iets zachts. Het was de tijger die hem kopjes gaf en hem met zijn grote tong likte. Was hij daarvoor in dolle paniek op de loop geweest?

De man vertelde mij, dat hij zich had gerealiseerd zijn leven lang op de vlucht te zijn geweest voor zijn onverwerkte pijn en onberedeneerbare angsten. Hij was gevlucht in drank, suiker, werk, vrouwen, autorijden, golfen… Steeds op de loop voor het monster van binnen, de tijger die hem elk moment kon bespringen en zou verscheuren. De droom vertelde hem, dat stoppen met rennen en het beest recht in de ogen zien, minder eng was dan hij had gedacht. Sterker nog: de tijger zou hem helpen om hem weer terug te brengen naar zijn zachtheid en liefde die onder de pijn verscholen lag.

Ik kom regelmatig in de Bijlmerbajes, waar ik drugsdelinquenten meehelp om weer mens te worden. Velen van hen zitten al jaren ‘in het circuit’ en vallen van de ene verslaving in de andere. De toekomst interesseert ze niet, ze leven van kick naar kick. In de gevangenis kunnen ze niet meer vluchten in heroïne, cocaïne of speed. Deze middelen worden vervangen door koffie, sigaretten, ruziemaken, kankeren op de bewakers, rammen op een boksbal en vooral televisiekijken. Zelfs ’s nachts staat bij velen de televisie nog aan. De grootste angst is de stilte. Eenmaal buiten valt meer dan tachtig procent weer terug in het oude gedrag. Logisch ook, want in wezen was er niets veranderd. Het patroon van leven voor kicks ging in de bajes gewoon door.

Verandering heeft alleen plaats bij jongens die de moed hebben om de stilte toe te laten en die naar zichzelf gaan luisteren. In al die jaren heb ik enkele helden gezien die op een avond demonstratief hun televisie op de gang zetten. Met hen gaat het nog steeds goed. Zij komen tot de ontdekking, dat achter iedere kick en achter iedere verslaving een gedachte zit. Wanneer je die gedachte kent, dan gaat het niet meer om heroïne, cocaïne of speed, maar om eenzaamheid, faalangst, boosheid of gebrek aan zelfrespect. En daar is wat aan te doen, maar niet door ervoor te vluchten of door het te compenseren met vluchtige kicks.

De grootste overwinning is te ontdekken dat je zonder al die kicks en dagelijkse shotjes gelukkig kunt zijn. Dat je in wezen gelukkig bént en niets extra’s nodig hebt om het te worden. Dit inzicht, deze ervaring, is voor de jongens in de Bijlmerbajes de enige manier gebleken om werkelijk clean te worden. Dit is het geheim van mensen dien grote veranderingen in hun leven hebben ervaren. Door stilte kregen ze inzicht in wie ze werkelijk zijn. Achter de ingesleten patronen en dwangmatige vluchtpogingen worden de kracht, de liefde en het geluk weer zichtbaar. Deze herkenning geeft hen de kracht om uit de zelfgecreëerde gevangenis te stappen om weer echt te gaan LEVEN.

Dat geeft pas een kick!

Tijn Touber

Tijn Touber

Meer over >

Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *