Magazine Issue: 15 juli/augustus 1997 1997

Onderwijs bestaat niet

Jurriaan Kamp

Enkele jaren geleden zag ik een film die voor mij de essentie van onderwijs uitbeeldde. Die film, Dead Poets Society, gaat over een leraar Engelse taal- en letterkunde op een strenge Amerikaanse kostschool. De jongens op de school zijn gewend aan het stampen van kennis, die daarna streng wordt overhoord. Dan komt de nieuwe leraar – een ontroerende rol van de acteur Robin Williams – die hun opdraagt het eerste hoofdstuk uit hun boek ovcer literatuurgeschiedenis te scheuren. Een theoretisch boek kan je geen gevoel voor poëzie bijbrengen, luidt zijn boodschap. Gedichten voel je, beleef je. Zo beginnen de leraar en de jonges een avontuur dat hun zoveel meer levenskennis en wijsheid bijbrengt dan het verscheurde hoofdstuk uit het handboek.

Jurriaan Kamp | 15 juli/augustus 1997 issue
De prachtige film leert één les: onderwijs kun je niet onderwijzen. Voor een deel is een leraar een instructeur die de tafels en de spelling leert – maar die taak vergt, volgens John Gatto niet meer dan honderd uur. Veel belangrijker is de taak van de leraar als gids, vriend, hulp en vertrouweling. Een leraar bezielt. Hij legt uit, maar legt niet op. Hij overhoort niet, maar daagt uit en begeleidt om datgene boven te brengen dat uniek in ieder mens aanwezig is. Wat dat betreft, is ons moderne woord onderwijs eigenlijk een verkeerde, hiërarchische term. In andere Europese talen worden, van het Latijnse werkwoord educare afgeleide, woorden gebruikt. Educare betekent uitbroeden, opvoeden, ofwel datgene tot ontwikkeling brengen dat in de kern aanwezig is. De klassieke betekenis van het woord school – van het Griekse scolazein, vrij zijn – wijst in dezelfde richting.

Vrij zijn. Het klink nog door in het ideaal van de jaren zestig, dat ieder kind spelend moest leren. Maar in de praktijk is dat uitgangspunt gestrand in een voortgaande lawine van regelgeving. Met slechts één doel: gelijke monniken moeten gelijke kappen hebben. Maar gelijkheid bestaat niet. En het streven naar gelijkheid betekent een voortdurende kwelling voor docenten én leerlingen.

Vroeger was de wereld eenvoudiger. Lezen en schrijven vormden het begin van elke kennis. Met de komst van de televisie en de computer is dat radicaal veranderd. We leven tegenwoordig in een visuele maatschappij waarin een mens zich – ook zonder lezen en schrijven – heel goed kan handhaven. Dat wil nog niet zeggen dat het niet meer van belang is om te leren lezen. Maar we zouden ons tenminste kunnen afvragen of die drastisch veranderde wereld niet ook vraagt om radicaal andere scholen, zoals Seymour Papert betoogt?

De moderne samenleving heeft de traditionele school bovendien tot een achterhoedegevecht veroordeeld. De kennis snelt steeds sneller vooruit. Het geleerde is soms al in maanden achterhaald. Die kennisexplosie vraagt om een andere benadering van leren. David Orr wijst op het onderscheid tussen snelle en trage kennis waarbij – in zijn visie – eigenlijk alleen de trage kennis aandacht verdient omdat wijsheid en niet slimheid het doel van leren is. En wijsheid is een aangeboren eigenschap die geen kennisoverdracht maar slechts ontwikkeling vraagt (zie ook Lisette Schuitemaker over ‘Filosofie met kinderen’). In de huidige – complexe en veelzijdige – wereld ben je gezegend met de creativiteit en de brede belangstelling die elk kind van nature heeft: waarom zouden we die kinderen dan dwingen in een beperkend uniform vakkenpakket? Foucault stelde vast dat de filosofie waarmee scholen worden ingericht dezelfde is waarmee gevangenissen worden georganiseerd. Het is paradoxaal: het schoolsysteem is bedoeld om kinderen iets bij te brengen maar thans neemt het hen vooral iets af.

Erger nog. Wat nemen we mee van onze schooltijd? Wie weet nog hoe het zit met de tangens, differentiaalrekenen en parabolen? De herinneringen aan school worden gekleurd door ervaringen met mensen, de leraren, de mede-leerlingen. Verdriet en vreugde van relaties en incidenten. In die herinneringen – niet in de scheikundeles – ligt het opgroeien besloten. Wim Hofman beschrijft dat prachtig. Mensen leren van elkaar in alle omstandigheden. Daarom zouden niet kennis maar contact en relaties centraal moeten staan op school. Of zelfs thuis.

De navolgende artikelen laten zien hoe leren óók kan, hoe het anders kan. Die andere weg is er niet één. Het is ook niet een nieuw systeem. Het is niet voor niets dat deze tijd geen nieuwe Maria Montessori, Rudolf Steiner of Kees Boeke voortbrengt. Het nieuwe leren is een mensenzaak. Arnhemse Loesje zegt: ‘Mensen zijn moeilijker dan sommen.’ Leren van mens tot mens, één-op-één, zoals ook de foto’s bij dit thema uitbeelden. Zonder theorieën of doctrines. Iemand vroeg de Indiase filosoof Jiddu Krishnamurti eens hoe zij haar kinderen moest opvoeden? Zijn antwoord: ‘Je moet je kinderen niet opvoeden. Je moet jezelf opvoeden en je kinderen met rust laten.’ Ofwel: onderwijs bestaat niet.

Add a comment

What is 2 + 6 ?
Please leave these two fields as-is:
Please answer this question to help us combat spam.

Huidig Nummer

Cover 2014 juli:aug


Bekijk alle

Evenementen en cursussen

Tags