Hack het onderwijs

Een tiener over wat hij allemaal leerde toen zijn ouders hem van school haalden.

Door Logan LaPlante

Overgenomen van zijn TEDx-lezing aan de University of Nevada

Screen shot 2014-04-04 at 11.14.14 AMAls kind wordt deze vraag je vaak gesteld: ‘Wat wil je worden als je groot bent?’ Heel vaak. Tot vervelens toe. Volwassenen hopen op antwoorden als ‘Ik wil astronaut worden’ of ‘Ik wil neurochirurg worden’… Arme volwassenen! Hebben ze geen fantasie? Kinderen willen profvoetballer, kitesurfer of gamer worden.

Ik vroeg het mijn broertje en die zei: ‘Doe even normaal, man, ik ben tien. Ik heb geen idee. Misschien wel profvoetballer… Hé, zullen we een ijsje eten?’ Kinderen noemen meestal iets waar ze op dat moment vervuld van zijn, iets wat ze cool vinden en uit eigen ervaring kennen. En dat staat meestal lijnrecht tegenover wat volwassenen graag willen horen. Maar als je het aan heel kleine kinderen vraagt, krijg je soms het beste antwoord – verrassend simpel, voor de hand liggend en wijs: ‘Als ik groot ben, wil ik gelukkig zijn.’ Later wil ik net zo gelukkig zijn als nu, op dit moment. Ik ben pas sinds kort een tiener. Net als de meeste jongens van mijn leeftijd worstel ik het grootste deel van de tijd met vragen als ‘Hoe is mijn kamer helemaal vanzelf zo’n puinhoop geworden?’ ‘Heb ik me vandaag al gewassen?’, en de ingewikkeldste van allemaal: ‘Hoe zorg ik ervoor dat meisjes me leuk vinden?’

Volgens neurowetenschappers is het tienerbrein behoorlijk chaotisch. Onze prefrontale cortex is nog onvoldoende ontwikkeld, maar we bezitten wel meer neuronen dan volwassenen. Dat is de reden dat we zo creatief, impulsief en humeurig zijn en zo snel geïrriteerd raken. Maar wat mij irriteert, is de wetenschap dat veel kinderen vandaag de dag gewoon gelukkig willen zijn, gezond en veilig, niet gekoeioneerd willen worden en gewoon geaccepteerd worden zoals ze zijn.

Ik krijg de indruk dat als volwassenen vragen wat je wilt worden als je groot bent, ze ervan uitgaan dat je vanzelf gelukkig en gezond zult worden. Maar misschien is dat wel niet zo. ‘Ga naar school, ga studeren, zoek een baan en sticht een gezin.’ En pats, boem: je zult gelukkig zijn. Toch?

Leren hoe je gelukkig en gezond kunt zijn, is geen kerntaak van het onderwijs. Dat speelt zich volledig buiten de school af. Sommigen komen er zelfs nooit aan toe. Maar wat als we dat anders zouden aanpakken? Wat als we het aanleren en oefenen van gezondheid en geluk op school juist centraal zouden stellen? Want dat is het: een oefenpraktijk – en nog een heel eenvoudige ook.

Onderwijs is van essentieel belang. Dus waarom maken geluk en gezondheid daar geen deel van uit? Ik snap het gewoon niet. Daarom ben ik me gaan verdiepen in de wetenschap van geluk en gezondheid. En waar het op neerkomt, zijn deze acht dingen: lichaamsbeweging, dieet en voeding, tijd die je in de natuur doorbrengt, dienstbaarheid aan anderen, relaties, recreatie, ontspanning en stressmanagement, en religieuze of spirituele betrokkenheid.

Dit rijtje van acht is afkomstig van Roger Walsh. Hij noemt het ‘therapeutische leefstijlveranderingen’, afgekort TLC’s. Walsh houdt zich als wetenschapper bezig met de vraag hoe we gelukkig en gezond kunnen worden. Tijdens de voorbereiding voor deze lezing vroeg ik hem of hij dacht dat de betere scholen vandaag de dag de acht TLC’s tot prioriteit hebben gemaakt. Zijn antwoord was nauwelijks verrassend: ‘nee’. Maar hij vertelde wel dat veel mensen proberen zich deze dingen buiten het onderwijs om toch ­eigen te maken, door te lezen of door aan meditatie te doen. Maar hij zei nog iets anders wat me erg aansprak, namelijk dat ons onderwijs vooral is gericht op carrière maken in plaats van iets maken van je leven.
In 2006 gaf Sir Ken Robinson de populairste TED-lezing aller tijden: ‘Onderwijs doodt de creativiteit.’ Zijn boodschap: creativiteit is net zo belangrijk als lezen en schrijven, en verdient dus dezelfde status. Heel wat ouders hebben die video bekeken. En voor sommige van die ouders, onder wie de mijne, was het een van de redenen waarom ze tot het besluit kwamen hun kinderen weg te halen van reguliere scholen en iets anders te proberen.

Ik besef dat ik behoor tot een bescheiden maar groeiende revolutie van kinderen voor wie onderwijs een heel andere betekenis heeft gekregen. Als je bedenkt dat zeker tweehonderd miljoen mensen de lezing van Sir Ken Robinson hebben bekeken, waarom zijn er dan niet meer kinderen zoals ik?

Shane McConkey was mijn held. Ik vond hem geweldig, want hij was de beste skiër ter wereld. Op een dag realiseerde ik me wat het precies in hem was dat ik zo bewonderde. Shane was een hacker, een ontregelaar. Niet van computers, maar hij heeft het skiën gehackt. Dankzij zijn creativiteit en inventiviteit is skiën geworden tot wat het nu is en waarom ik het zo graag doe.

Veel mensen beschouwen hackers als sullige nerds die vanuit de kelder van hun ouderlijk huis computervirussen verspreiden. Maar ik zie het anders. Hackers zijn vernieuwers. Hackers zijn mensen die systemen veranderen zodat ze anders en beter functioneren. Zo zitten ze in elkaar. Het is hun mentaliteit. De wereld waarin ik opgroei, heeft meer mensen nodig met een hackersmentaliteit – en niet alleen met betrekking tot technologie. Alles kan worden gehackt, zelfs skiën, dus ook het onderwijs.

Geluk, gezondheid, creativiteit en de hackersmentaliteit maken allemaal deel uit van mijn opleiding. Ik noem het ‘hacktraining’. Ik volg geen leerplan en beperk me niet tot een specifieke benadering. Ik hack mijn eigen onderwijs. Ik maak gebruik van kansen die mijn omgeving biedt en van mijn netwerk van familie en vrienden. Ik maak gebruik van elke kans om het geleerde in praktijk te brengen en ben niet bang om te zoeken naar hacks om sneller tot een beter resultaat te komen. Je zou het kunnen zien als een remix of mash-up van het leren: flexibel, opportunistisch en altijd gericht op geluk, gezondheid en creativiteit als prioriteiten. Hier wordt het cool, want het gaat om een mentaliteit en niet om een systeem. Iedereen kan zijn onderwijs hacken, zelfs als je op een traditionele school zit.

Hoe mijn school er uitziet? Heel vaak als Starbucks, maar net als andere kinderen volg ik wiskunde, natuurkunde, geschiedenis en taal. Vroeger had ik een hekel aan schrijven, omdat het van mijn leraren moest gaan over vlinders en regenbogen, terwijl ik over skiën wilde schrijven. Voor mij was het een enorme bevrijding toen de moeder van een vriendje het Squaw Valley Kids Institute oprichtte, want daar mocht ik schrijven over mijn eigen ervaringen en passies. Zo ontstond mijn liefde voor schrijven. Ik ontdekte dat zodra je gemotiveerd bent om iets te leren, je heel veel kunt bereiken in een kort tijdsbestek, en bovendien op eigen kracht. Starbucks is daarvoor een prima plek.

Buurtorganisaties spelen een belangrijke rol in mijn opleiding. Tijdens het basisprogramma van de High Fives Foundation, waar je bewust wordt gemaakt van het belang van veiligheid in kritieke omstandigheden, gingen we een dag op pad met de Squaw Valley Ski Patrol om iets te leren over veiligheid in de bergen. De dag erna kregen we les over sneeuw, weersomstandigheden en lawines. Maar het belangrijkste dat we leerden, was hoezeer een verkeerde beslissing je eigen leven en dat van je vrienden in gevaar kan brengen.

Tijd doorbrengen in de natuur is heel belangrijk voor me. Het is er rustig en stil, en ik kan er even uitloggen uit de alledaagse realiteit. Een keer per week ben ik een hele dag buiten. Bij de Fox Walker-cursus gaat het erom dat je in de wildernis kunt overleven met niets meer dan een mes. We leren er om te luisteren naar de natuur. We leren onze omgeving echt gewaar te worden, en dat heeft me een spirituele band met de natuur opgeleverd waarvan ik het bestaan nooit had vermoed. Maar het mooiste is dat we leren hoe je met simpele middelen, een speer, pijl en boog en vuur kunt maken, en bovendien een plek om droog en warm te blijven als je er de nacht doorbrengt.

Bezoekjes aan de fabriek van Moment, een producent van handgemaakte ski’s en skikleding, hebben me op het idee gebracht om later een eigen bedrijf te beginnen. De mannen in de fabriek hebben me laten zien waarom ik goed moet zijn in wiskunde, mijn creativiteit moet ontwikkelen en leren naaien. Dus regelde ik een stageplek om me te bekwamen in ontwerpen en naaien. De mensen die er werken, zijn gelukkig, gezond en creatief, en hebben plezier in hun werk. Dit is veruit mijn favoriete ‘klas’.

Op de skipiste ben ik het gelukkigst. Het is een metafoor voor mijn leven, mijn opleiding en mijn hacktraining. Als iedereen van een helling zou afdalen op de manier waarop de meeste mensen denken over onderwijs, zou iedereen precies dezelfde route volgen. Dat is waarschijnlijk de veiligste route, maar het grootste deel van het sneeuwoppervlak zou onaangeroerd blijven. Als ík daarentegen naar dezelfde helling kijk, zie ik duizenden mogelijkheden: langs een overhangende rand scheren, zigzaggen over een richel in de sneeuw of zoeken naar een plek waar je van klif naar klif kunt springen.

Voor mij betekent skiën vrijheid en dat geldt ook voor mijn opleiding. Het gaat erom creatief te zijn en dingen anders te doen. Samenwerken en elkaar helpen. Het gaat erom gelukkig en gezond te zijn, en omringd te worden door vrienden. Dus ik begin wel een idee te krijgen van wat ik later wil doen. Maar als u me vraagt wat ik wil worden als ik groot ben, zal het antwoord altijd luiden dat ik gelukkig wil zijn.

Zie de volledige Tedx-talk:

YouTube voorvertoningsafbeelding

Foto boven: Tedx-talk University of Nevada
Foto in tekst: Flickr/Bret Simmons

Geef een reactie