Magazine Issue: 36 januari/februari 2001 2001

Als de wereld je te veel wordt

Maggie Oman Shannon

Hypergevoelige mensen – twintig procent van de bevolking – hebben regelmatig behoefte aan rust.

Maggie Oman Shannon | 36 januari/februari 2001 issue
In 1996 verscheen het boek The Highly Sensitive Person: How to Thrive When the World Overwhelms You (Broadway, 1996) van onderzoekspsychologe en psychotherapeute Elaine Aron. Het boek was een geschenk van de hemel voor ieder die sinds zijn vroege jeugd te horen had gekregen dat hij fijnbesnaard, nerveus, timide, overgevoelig of angstig was. En nu werd grote gevoeligheid door deze deskundige in de geestelijke gezondheid beschreven als een normale toestand voor vijftien tot twintig procent van de bevolking – en niet als een gebrek, maar als iets positiefs. Volgens Aron hebben hypergevoelige mensen een aantal kenmerken gemeen: ze worden door nieuwe of langdurige impulsen sterk gestimuleerd, ze reageren heftig op uitwendige stimuli zoals geluid en licht, ze kunnen slecht tegen pijn, honger, dorst, cafeïne en medicijnen, ze zijn vatbaar voor door stress veroorzaakte en psychosomatische ziekten en ze worden sterk beïnvloed door het humeur en de emoties van anderen. Ook hebben ze een grote intuïtie, kunnen ze zich goed concentreren (maar het beste als er geen afleiding is), hun rechterhersenhelft is het sterkst ontwikkeld en zijn ze minder rechtlijnig dan niet-hypergevoeligen. Ze zijn zeer gewetensvol, zijn uitstekend geschikt voor werk dat oplettendheid, nauwkeurigheid en snelheid vereist en ze zijn goed in het ontdekken en vermijden van fouten. Voor hypergevoeligen is alles uitvergroot. Wat voor de meeste mensen matig opwindend is, is zeer opwindend voor hypergevoeligen. En wat voor anderen zeer opwindend is, gaat hypergevoeligen te ver. Zij sluiten zich af zodra een bepaald stimuleringsniveau wordt bereikt. Aron is er door haar onderzoek van overtuigd geraakt, dat er genetische en biologische oorzaken zijn voor extreme gevoeligheid. De hersenen van hypergevoeligen, zegt ze, verschillen van die van anderen. Onderzoek wijst uit, dat ze een hogere activiteit – en een grotere bloedtoevoer – vertonen in de rechterhersenhelft, wat aangeeft, dat ze meer naar binnen dan naar buiten gericht zijn.

Hypergevoeligen verwerken informatie anders, ‘dieper’, dan anderen. Omdat ze vooral goed informatie kunnen doorpluizen, hebben ze aanleg voor het werken in de informatietechnologie en op Internet, wat een voordeel is in de huidige maatschappij. Hypergevoeligen hebben ook een buitengewoon gevoelig zenuwstelsel en een sterker reagerend immuunsysteem. Hypergevoeligen hebben dertig procent meer kans op allergieën. En hypergevoeligheid heeft – misschien tegen de verwachtingen in – geen voorkeur voor sekse: mannen zijn even vaak hypergevoelig als vrouwen. Hypergevoeligen hebben een sterke intuïtie, doordat ze zo gespitst zijn op subtiele aanwijzingen. ‘Je “weet gewoon” hoe iets is gebeurd of gaat gebeuren’, zegt Aron. ‘Je kunt je natuurlijk vergissen, zoals je ogen en je oren je kunnen bedriegen, maar de intuïtie klopt zo vaak, dat hypergevoeligen vaak visionair zijn, het zijn zeer intuïtieve kunstenaars of uitvinders en bovendien gewetensvolle, voorzichtige en verstandige mensen.’ Zij is ervan overtuigd, dat hypergevoeligen in de geschiedenis een belangrijke rol hebben gespeeld in de Europese culturen, die van oudsher hun invloedssfeer vergrootten door agressieve overheersing onder leiding van sterke, militaristische leiders. ‘De beste, duurzaamste Europese beschavingen hadden steevast twee soorten regeerders: de soldaat-koningen en de priester-adviseurs’, vertelt ze. ‘Hypergevoeligen vervullen meestal die adviserende functie. Het zijn de schrijvers, historici, filosofen, rechters, kunstenaars, onderzoekers, theologen, therapeuten, docenten en gewoon gewetensvolle burgers. In al die rollen hebben ze sterk de neiging na te denken over alle mogelijke gevolgen van iets.’

Maar laat u niet misleiden door het woord adviseur: hypergevoeligen blijven niet altijd alleen maar op de achtergrond. Arons karakterschets van hypergevoeligen past bij onder anderen Abraham Lincoln, Jimmy Carter, Ingmar Bergman en Steven Spielberg. Toch zullen weinig mensen graag omschreven worden als hypergevoelig. Omdat er in de maatschappij vaak weinig begrip of waardering voor dit karakter bestaat, deinzen veel hypergevoeligen voor het etiket terug. Het hypergevoelige karakter wordt in sommige culturen ook veel meer geaccepteerd dan in andere. Een onderzoek waarin Chinese en Canadese basisschoolleerlingen met elkaar werden vergeleken, wees uit dat gevoelige, stille kinderen in China het populairst onder hun leeftijdgenoten waren. In Canada behoorden ze tot de minst populaire kinderen.
Arons belangstelling voor hypergevoeligen begon, toen ze zelf besefte dat ze ‘anders’ was. ‘Ik dacht altijd dat er iets aan me mankeerde’, zo herinnert ze zich. Toen ze tien jaar geleden het gevoel had, dat ze te sterk reageerde op een medische behandeling, ging ze naar een therapeut, die opperde dat ze wel eens ‘hypergevoelig’ kon zijn. Het idee dat sommige mensen gevoeliger zijn dan andere, intrigeerde Aron, die destijds psychologe was aan de universiteit van Californië in Santa Cruz en ze besloot er onderzoek naar te doen. Aanvankelijk vond ze maar drie studies waarin de term gevoeligheid aan de orde kwam, maar later besefte ze dat gevoeligheid wel degelijk werd bestudeerd en dat onderzoekers alleen een andere term bezigden. Binnen een week na een artikel over haar in een plaatselijke krant, zochten ongeveer tweehonderd mensen contact met haar om over hypergevoeligheid te praten. Ze bereidde een lezing voor en naar aanleiding van de grote belangstelling ontwikkelde ze een cursus. Na talrijke verzoeken om een boek te schrijven over haar onderzoek begon ze aan The Highly Sensitive Person. Daarna kwamen The Highly Sensitive Person’s Workbook (Broadway, 1999) en The Highly Sensitive Person in Love (Broadway, 2000).

De aandacht die haar boeken trokken, is een probleem voor Aron: ‘Hypergevoeligen hebben de neiging anderen te plezieren. We begrijpen waar anderen behoefte aan hebben en kunnen hen moeilijk iets weigeren.’ Daarom heeft ze haar levensstijl gewijzigd om stress te bestrijden, overstimulering te vermijden en een evenwichtig leven te leiden. Ze mediteert twee uur per dag met haar man, is veel in de natuur, is voorzichtig met het aangaan van verplichtingen en zwicht niet voor de druk om meer werk aan te nemen dan ze aankan. Ze adviseert andere hypergevoeligen methoden te zoeken waardoor ze zich staande kunnen houden en zichzelf kunnen beschermen. Daar gaat haar werk over: ‘methoden zoeken om mee te doen en op onze eigen manier mee te doen’.

Add a comment

What is 10 + 3 ?
Please leave these two fields as-is:
Please answer this question to help us combat spam.

Huidig Nummer

Cover mei:juni 2014


Bekijk alle

Evenementen en cursussen

Tags