Magazine Issue: 128 juli/augustus 2010 2010

Ode aan positivisme

Jurriaan Kamp

Onze gave om handel te drijven is de aanjager van ongelooflijke vooruitgang.

Jurriaan Kamp | 128 juli/augustus 2010

Jurriaan Kamp, Editor-in-Chief.

Foto: Dean Bentley

Wat betekent “ode” eigenlijk?’, vroeg een Noorse vriend mij toen we op een mooie lentedag een glas bier dronken in de oude haven van Oslo, aan het fjord vanwaar de Noormannen zo’n twaalfhonderd jaar geleden heersten.

‘Het betekent “eerbetoon” of “loflied”’, antwoordde ik.

‘Ah,’ zei hij, ‘in het Noors kennen we dat woord ook, met dezelfde betekenis.’

Dat verbaasde me niet. Het woord ‘ode’ komt in vele talen in dezelfde betekenis voor: het Engels, Nederlands, Italiaans, Frans, Duits, Portugees en dus ook het Noors. Het stamt uit het oude Grieks en is in veel moderne Europese talen terechtgekomen. Alleen in het Spaans is het net iets anders: oda. (Als u nog meer talen weet waarin het woord ‘ode’ voorkomt, hoor ik het graag.)

Meer dan vijftien jaar geleden kozen we ‘ode’ als naam voor ons tijdschrift, juist omdat het zo’n internationaal woord is met een positieve betekenis. Het is inderdaad een beetje ouderwets — uit het klassieke Grieks, wat wil je? — en er staat zelden poêzie in ons tijdschrift, maar het woord geeft de optimistische visie waarvoor Ode staat goed weer.

Het woord ‘ode’ komt misschien wel veel voor, maar het optimisme dat eruit weerklinkt veel minder. Matt Ridley schrijft in zijn nieuwe boek The Rational Optimist dat ruwweg twintig procent van de mensheid een optimistische levensopstelling heeft, terwijl tachtig procent een min of meer pessimistische kijk op het leven heeft. Volgens Ridley zijn er goede redenen voor een meer positieve mentaliteit — en hij doelt daarmee niet op het groeiende bewijs voor een positieve relatie met een goede gezondheid, zoals ons artikel op pagina 52 laat zien. De geschiedenis van de mens, zo betoogt Ridley, is een aaneenschakeling van ongelooflijke vooruitgang. Het leven van een chimpansee — de soort die het dichtst bij de onze staat — verschilt nauwelijks van dat van zijn voorouders twintigduizend jaar geleden. Het leven van de mens is in die periode daarentegen onherkenbaar veranderd.

Het grote verschil is volgens Ridley dat mensen handel drijven en samenwerken; chimpansees moeten nog steeds voor hun eigen eten en veiligheid zorgen en daarmee zijn ze bijna de hele dag bezig. Vele jaar geleden gold dat ook nog voor ons. Maar tegenwoordig draagt iedereen zijn steentje bij aan het algemene welzijn. Ik kweek of zoek mijn eigen voedsel niet. Dat doen anderen voor mij. Ik lever mijn eigen bijdrage als hoofdredacteur van een tijdschrift. Een tijdschrift is niet direct noodzakelijk voor het levensonderhoud — hoewel Ode misschien wel een noodzakelijk geluid is tussen de andere, meest negatieve media — maar het is een goed voorbeeld van de extra rijkdom die we hebben kunnen creêren via constante handel, vernieuwing en samenwerking.

We mogen het effect van onze gave om handel te drijven niet onderschatten. Daarom hebben de pessimisten ongelijk. Natuurlijk zijn er gigantische problemen, zoals armoede en klimaatverandering, maar we zullen altijd nieuwe oplossingen blijven bedenken en blijven zoeken naar nieuwe mogelijkheden om de vragen te beantwoorden. We zien alleen problemen omdat we geen kansen zien. Henry Ford heeft eens gezegd: ‘Mensen willen geen auto’s, maar betere paarden.’ Als de geschiedenis ons iets leert, is het dat ons leven alleen maar beter wordt. Lees het boek van Ridley: er staan verrassend veel overtuigende argumenten in.

Tegelijkertijd voorspelt dit optimistische toekomstbeeld weinig goeds voor het land van mijn Noorse vriend. Noorwegen heeft besloten de rijkdom uit de olie die in zijn deel van de Noordzee wordt gevonden, voor zichzelf te houden en zich niet aan te sluiten bij de Europese Unie en de euro. Met het oog op de huidige problemen met de EU was dat een verstandige keus. Maar op den duur is uitwisseling een noodzakelijke voorwaarde voor innovatie als katalysator voor grotere welvaart. Noorwegen, dat nog geen vijf miljoen inwoners telt en 99 procent van zijn geproduceerde olie verkoopt, zal zijn welvaart niet kunnen vasthouden zonder over te gaan tot meer handel en samenwerking.

Ik heb een Noors biertje gedronken op het terras aan het Oslo-fjord. Ik had bijna ieder willekeurig internationaal biermerk kunnen krijgen. Dat is de boodschap.
Jurriaan Kamp is mede-oprichter en hoofdredacteur van Ode.

Bestel dit nummer na via onze klantenservice: T 0251 – 257 927.

Iedere maand Ode thuis ontvangen? neem nu een proefabonnement vanaf 3,33 per maand.

Meer lezen?

Toekomstvoorspellers verpesten de toekomst
Als artsen staken sterven er minder mensen
Humor is pas écht spiritueel

Volg Ode ook op Twitter

Add a comment

What is 2 + 10 ?
Please leave these two fields as-is:
Please answer this question to help us combat spam.

Huidig Nummer

TheOptimist162_cover


Bekijk alle

Evenementen en cursussen

Tags